
Longtransplantatie: orgaandonatie
Er is niemand die sinds de ‘Grote Donorshow’ van BNN niet weet dat de beschikbaarheid van donororganen een groot probleem is in Nederland. En geen orgaantransplantatie, zonder orgaandonatie.
Op vrijdag 1 juni 2007 zond de publieke omroep BNN de grote Donorshow uit. In de week daarvoor vielen politiek en media uit heel de wereld over elkaar heen van verontwaardiging. BNN had live een donornier te vergeven. Het bleek een grote maar geslaagde mediastunt.
Heel kort samengevat komt het neer op het volgende. De vraag naar donororganen is groter dan het aanbod. De vraag wordt steeds groter. Het aanbod ontwikkelt niet voldoende mee.
Ja haha, dat is duidelijk. Maar hoe komt dat? Er zijn veel verklaringen te geven daarvoor. Algemeen is de trend in Europa dat de vraag het aanbod steeds verder overtreft. Dat geldt ook in landen waar een systeem bestaat waarin iedereen automatisch donor is tenzij je dat aangeeft. Toch laten we in Nederland te veel mogelijke orgaandonaties liggen.

Ontwikkeling wachtlijst (hart+) long(en) van 1991 - 2006 in
landen aangesloten bij Eurotransplant. Bron: Eurotransplant
In Nederland ben je geen donor, tenzij
In de
Wet op de orgaandonatie (WOD) van 1998, is het zo geregeld dat
niemand orgaandonor is, tenzij:
Ruim 60% van de volwassen Nederlanders heeft geen keuze laten
vastleggen in het Donorregister.
Van de 40% die dat wel gedaan heeft stemt 57% in met orgaandonatie,
van
alle transplanteerbare organen (47%) of van specifieke organen/weefsel
(10%).
Voor een belangrijk deel komen de nabestaanden dus te staan voor de moeilijke keuze over wel of geen orgaandonatie. Bij twijfel kiezen de meesten voor nee, blijkt uit onderzoek. In praktijk komt dat neer op 59% van de gevallen waarin de donatievraag aan nabestaanden wordt gesteld.
Een meerderheid van de mensen blijkt bovendien bij navraag
eventueel wel een orgaan te willen ontvangen als dat nodig mocht
zijn, maar is niet bereid zich op te geven als orgaandonor.
Hoe krijgen we in Nederland meer donoren?
Stelselwijziging
Verandering van het stelsel. Met z’n allen en de Tweede Kamer in het
bijzonder, kunnen we kiezen voor een wetswijziging waardoor iedereen
automatisch donor is. Alleen als je dat niet wil zijn, laat je dat
vastleggen. Een andere mogelijke stelselwijziging houdt in dat
mensen verplicht worden een keuze aan te geven.
Organisatie orgaandonatie
Door een betere organisatie van orgaandonatie in ziekenhuizen. Nog
steeds gaan veel organen voor donatie verloren in ziekenhuizen. De
ziekenhuizen zien geen mogelijkheid om na te gaan of iemand donor
wil zijn, willen nabestaanden niet met de vraag confronteren of
hebben de capaciteit niet om een donorprocedure uit te voeren. De
Nierstichting zet zich al jaren in voor een betere organisatie en
begon met het subsidiëren van zogenaamde
transplantatiefunctionarissen in ziekenhuizen. In elk ziekenhuis zou
zo’n functionaris moeten bestaan.
Andere bronnen voor orgaandonatie
Nu wordt nog vooral gebruik gemaakt van organen van mensen die
hersendood zijn. Dat zijn de hart beating donoren (HBD). De
mogelijkheden om ook organen te conserveren nadat iemand door een
hartstilstand is overleden, nemen toe. Daarmee neemt ook het aantal non hart beating donoren (NHBD)toe. De resultaten van transplanties met organen van NHB-donoren zijn goed.
Het aandeel van NHB-donaties bij enkele of dubbele
niertransplantaties is nu al bijna 20% (159NHBD, 360HBD, 278 Living Related). Ook voor longen
begint de mogelijkheid reëel te worden, maar NHB-donatie staat hier nog aan het begin. In 2006 zijn in Nederland
vier
longtransplantaties gedaan met organen van NHB-donoren.
Voor nieren geldt bovendien dat gebruik gemaakt kan worden van
levende donoren. In theorie is dit met beperkingen ook mogelijk voor
longtransplantaties. De zogenaamde living related donor lobectomy is
in Nederland nog niet echt een optie.
Op (veel) langere termijn zijn er nog twee andere bronnen voor
orgaantransplantatie. Een daarvan is transplantatie met organen uit
dieren, de zogenaamde xenotransplantatie. De ander is het gebruik
maken van uit stamcellen gekweekte organen. Behalve medische
bezwaren, bestaan voor beide ook nogal wat ethische bezwaren.

Op 22 februari 2007 trad een nieuw kabinet aan met minister
Dr. A. Klink voor Volksgezondheid, Welzijn en Sport. Een van
zijn eerste beslissingen was het afkeuren van de nieuwe
donorcampagne die op het punt stond te starten.
Het kabinet zal zich echt harder in moeten spannen als zij orgaantransplantatie serieus wil nemen. Maar ook wij kunnen met z'n allen wat doen.
Donorformulier invullen
Nog geen donorformulier ingevuld? Zet nabestaanden niet voor het blok. Laat ze niet in het
ongewisse over jouw standpunt over orgaandonatie. Denk niet dat je
te jong bent om er over na te denken. Of je nu 16 of 60
bent (vanaf 16 moet een vastgelegde wilsbeschikking in het
Donorregister ook gerespecteerd worden door nabestaanden), iedereen
loopt het risico bijvoorbeeld bij een verkeersongeluk om het leven
te komen. Niet leuk, wel waar.
Dus als je dat nog niet gedaan hebt,
laat je keuze voor ja of nee gewoon vastleggen in het Donorregister.
Zo moeilijk is dat niet.
Download het formulier, vul het in en stuur
het op. Een postzegel is niet eens nodig.
Vraag rond
Vraag in je omgeving of zij een donorformulier hebben ingevuld.
En stimuleer mensen hun keuze vast te leggen. Dat kan door een
mailtje, of een
banner op je website.
Ze zijn er in verschillende kleuren en smaken. Je kunt het ook
bepreken tijdens de
koffie of tijdens een wandeling.
Politiek achter de vodden
Breng orgaandonatie extra onder de aandacht van de politiek.
Stel kabinet en kamerleden vragen en laat weten wat je vindt.
Stuur ze een mail of een brief. Maar houd het wel netjes. Het zijn
ook maar mensen. Naar argumenten luisteren ze over het algemeen het
best.
Als je lid bent van een partij, ga dan na wat het partijstandpunt
over orgaandonatie is, en stel het onderwerp in de partij ter
discussie. Je kunt dan bovendien je partijgenoten in de Tweede Kamer
aanspreken op hun inzet.
Contactgegevens:
Wachtlijst longen per 31/12/06 resp 31/12/07
| wachtenden op enkele of dubbele longtransplantatie | 2006 | 2007 |
| 141 | 158 |
Transplantaties in 2006/2007
| verrichte longtransplantaties in 2006 totaal: | 53 | 64 |
| enkel: | 18 | 13 |
| dubbel: | 34 | 51 |
Gedoneerde longen in 2006
| werkelijke orgaandonoren: | 227 | |
| werkelijke longdonoren: | 77 | |
| daarvan aantal niet gebruikte longdonoren: | 31 | |
| daarvan aantal donaties enkele long | 6 |
| daarvan aantal donaties beide longen | 40 |
Bron: Eurotransplant,
annual report 2006/yearly statistics 2007
De gemiddelde wachttijd voor donorlongen is daarmee opgelopen tot twee
tot vier jaar.
Voor bovenstaande beschrijving is gebruik gemaakt van de volgende bronnen:
Al in 1963 vond de eerste serieuze poging tot longtransplantatie plaats. Lees meer over de geschiedenis van de longtransplantatie.
Nieuwe longen, je hebt ze zo maar niet. Longtransplantatie is een heel proces. Vader met CF heeft de stappen voor u samengevat.
Ben je een echte medische freak en loop je niet weg voor een druppeltje bloed en wat gescalpel, neem dan eens de transplantatie manual door.
Geen transplantatie zonder donororganen. En laat dat nu precies een klein probleem zijn. Hoe staat het er mee?
Deze site wordt u - met inachtneming van de disclaimer - belangeloos aangeboden door Vader met CF. Aarzel niet en schrijf, vraag of mail vooral wat van het hart moet, je op je lever hebt of gewoon leuk vindt om met mij te delen.