Global Navigation

Vader met CF.
dubbele ∆ 508 is vader

Main Navigation

Sub-Navigation

Content

Klok (19 september 2007)

Dat je toch zo gehecht kan zijn aan een stomme klok. Nou ja gehecht, meer geobsedeerd eigenlijk. Dat had ik sinds mijn schooltijd niet meer meegemaakt.

Als je als CF-er opgenomen ligt in het ziekenhuis, val je tegenwoordig onder het zogenaamde segregatiebeleid. Afgelopen week kwam ik voor een logeerpartij weer eens in het ziekenhuis. Meteen ging de deur achter mij dicht en was ik onderworpen aan het 23/24 regime. 23 uur op je kamer met gesloten deur en 1 uur per dag op stap. Het eerste wat mij opviel, was de afwezigheid van de klok boven de deur.

Waar was die vertrouwde saaie witte Blokkerklok? Had iemand die gejat of waren de batterijen gewoon op geweest? Nadere inspectie wees uit dat ook de spijker in de wand verdwenen was. En dus kwamen andere scenario's naar boven. Was de klok op de grond stuk gekletterd toen de spijker het eindelijk opgaf onder het gewicht van de klok? Hoe lang hing de spijker dan al op half elf? Had de klok bij zijn val iemands neus gekraakt op het moment dat hij liggend in bed terug van een 'nose job' de kamer in gereden werd? Mijn fantasie ging driftig aan de slag met het gegeven.

En zo tikten de uurtjes weg. De lunch kwam en de lunch ging. Het avondeten kwam en het avondeten ging. Maar ik kreeg ook na gedegen recherchewerk onder de verpleging geen absolute duidelijkheid in deze zaak. De onzekerheid was killing. Ik begreep van 'dé zuster' dat er een nieuwe klok was aangevraagd. Niet duidelijk was wanneer dat was gedaan, wanneer die zou komen of zelfs wat er in deze bureaucratische zorgwereld was gebeurd met hét aanvraagformulier.
 

 
klok

Mijn gezellige etenswaren klok

 

Het gezellig klokje van mijn vrienden. Ik heb het nagelaten voor mijn opvolgers in kamer 6.31 van het Hagaziekenhuis, locatie Leyenburg.

Intussen klaagde iedereen over de afwezigheid van de klok, nadat men uit automatisme tevergeefs een blik had geworpen op de kale plek met het spijkergat boven de deur.

Precies toen de vermoeidheid begon toe te slaan, mijn rug en ogen het dreigden te begeven van het staren naar die mysterieuze lege plek die zoveel vragen opriep, was daar de verlossing. Een pakket werd de kamer binnen gedragen. Met moeite kon ik mij losscheuren van mijn denkwerk. De posterijen brachten van mijn goede vrienden een .....klok. Want zij weten wat het is om weken lang zonder klok beperkt te zijn tot een kamer van 4 bij 5.

En dus kon ik mij weer bezig gaan houden met de meer belangrijke zaken in het ziekenhuisbestaan: staren naar de klok en aftellen tot de volgende maaltijd. De volgende maaltijd waarna mijn zoon weer op bezoek komt.
 


 

 

 

Sidebar

Footer