
Gisterenochtend betrapte ik mijzelf in de spiegel op een behoorlijk vrolijk gezicht. Dat was ik al even niet meer tegengekomen. En 's avonds hoorde ik mijzelf zo waar zeggen dat het prima ging. En hoewel mijn dosis prednison al weer twee weken terug is op de onderhoudsdosis van 10mg, vertoon ik overdag in het intermenselijk verkeer en in mijn gedrag een aardige uitgelatenheid. Om niet te zeggen: ik ben hyper-de-pieper.
Het is oktober, de zon schijnt, zoon op schoot, biertje op de tafel.
Mooi toch? Maar waar komt dat allemaal vandaan? De afgelopen maanden waren een stuk minder. Ik zal het niet snel toegeven, maar het woord 'depressie' begon af en toe toch wel eens door mijn hoofd te spelen. Ik had het gevoel dat ik alles steeds minder onder controle had. Dat mijn conditie definitief op drift was geraakt. Geen enkele poging om weer vat te krijgen op mijn lichaam lukte echt. En als het even wat beter ging, gooide een virusje wel weer roet in het eten.
Grip verloren
Ik kreeg het gevoel dat mijn, of eigenlijk ons, leven ons boven het hoofd gegroeid was. We werden heen en weer geschud tussen al wel of nog niet gaan voor het longtransplantatietraject. Désirée moest bij elke opname steeds maar weer een driedubbele shift draaien: zorgen voor Peter, werken, zorgen voor d'r vent in het ziekenhuis. Waar bleef ze zelf dan?
Nergens had ik meer zin in. Ik vond niks leuk. Eten deed ik op discipline. Aan websites werken deed ik alleen als het echt noodzakelijk was. Voor de rest vegeteerde ik een beetje.
Van Jan Cammeraat uit 'Dichtjes bijelkaar' (1978-1988)
De verlossing
En toen was daar de screening. Ik was er niet zenuwachtig voor. Tijdens de screening was ik zelfs een beetje uitgelaten. De onderzoeken vond ik interessant. Het verblijf in een 'vreemd' ziekenhuis wel grappig.
Gek genoeg dacht ik tevoren steeds dat ik nog te goed was voor longtransplantatie. Het eeuwige positief denken dat de CF-er op de been houdt ligt daar aan ten grondslag, denk ik. De screening drukte mij met de neus op de feiten. Ik was écht slecht genoeg voor longtransplantatie.
Het groenlichtgesprek en de definitieve plaatsing op de wachtlijst waren ten slotte een opluchting. De onzekerheid over wel of niet aan dat traject beginnen, was voorbij. Ik stond weer met beide benen op de grond. De screening was afgerond. Als ik nu ineens nog verder af zou zakken, had ik tenminste een kans.

Energie
Die wetenschap gaf ruimte. Ruimte om weer te genieten van het moment
en met elkaar. We hebben allebei een opgeruimd gevoel. Ik heb weer
energie voor van alles. Mijn bureau is opgeruimd, deze website is van
start gegaan en zo waar stond ik deze ochtend ineens op een trapje om de
eerste
van de 150 klussen op de klussenlijst af te werken. Moeten we vaker
doen, zo'n screening.